Muizen
Muizen komen zeer algemeen voor, met name in gebouwen. Ze kunnen zich uitstekend aanpassen aan de omstandigheden, het zijn zeer goede klimmers, waardoor ze overal in gebouwen voorkomen. Ze voeden zich met allerlei producten met een zekere voorkeur voor granen, spek, kaas, e.d. Ze leven in familieverband in een eigen leefgebied (territorium).

Zoals bij alle knaagdieren groeien de beitelvormige voortanden van muizen hun hele leven lang door. Om hun gebit op peil te houden moeten ze dus voortdurend knagen. En dat doen ze dan ook. Elektrische bedrading, waterleidingen en houtwerk zijn geliefde objecten en ze kunnen daarbij kortsluiting (brand), lekkages en machinestoringen veroorzaken. Daarnaast kunnen muizen ziektes overbrengen en vormt hun aanwezigheid een gevaar voor de hygiëne. Door het beschadigen en vervuilen zijn ze derhalve zeer ongewenst.

 

Ratten
(Bruine) ratten komen zeer algemeen voor, het zijn zogenaamde “cultuurvolgers”, omdat ze zich uitstekend kunnen aanpassen aan de mens. Het zijn goede zwemmers en gravers en voelen zich thuis in riolen, op stortplaatsen, in/om maïsvelden, enz. Ze voeden zich met velerlei producten (granen, groenten, fruit, vis, diervoeding, enz.) en zijn derhalve overal te vinden op plaatsen met een groot (en slordig) voedselaanbod, bij voorkeur in de omgeving van water.

Ratten geven er de voorkeur aan om zich in de directe nabijheid van de mens en zijn gebouwen, voorraden en afval op te houden. In waterrijke gebieden kunnen ze overbrenger zijn van de ziekte Weil; ook in de intensieve veehouderij kunnen ze diverse ziektes overbrengen. Ze vervuilen en beschadigen voorraden en kunnen door hun knaagdrift (o.m. aan kabels) kortsluiting, lekkages en machinestoringen veroorzaken. Ratten zijn in de directe omgeving van de mens dan ook  zeer ongewenst.

 

Steenmarter
De steenmarter heeft het formaat van een slanke kat, een lichaamslengte van 40 tot 50 cm. Het gewicht van een volwassen dier bedraagt 1,5 tot 2,0 kg. De kleur is grijsbruin met een witte, gevorkte bef. De snuit is lichter dan de poten en de orgen zijn vrij kort. Steenmarters kunnen 10 jaar oud worden en krijgen 2 tot 5 jongen. Ze leven solitair in een eigen territorium, en zijn vooral actief tussen zonsondergang en zonsopkomst. Een steenmarter kan per nacht 15 tot 20 kilometer afleggen. Binnen hun leefgebied hebben ze meerdere schuilplaatsen (houtwallen, boomholtes, vervallen schuurtjes, maar ook moderne gebouwen met dikke isolatieplaten. De steenmarter is een uitmuntende klimmer en springer, ook kan hij goed zwemmen.

De steenmarter veroorzaakt geluidsoverlast, stankoverlast (urine, keutels en kadavers) en richt vernielingen aan (rietdaken, isolatiemateriaal, dakbeschot, kabels). De steenmarter is een beschermde diersoort (Flora- en Faunawet).

Er zijn echter wel een aantal maatregelen die genomen kunnen worden ter wering/preventie:

  • Maak het gebouw marterdicht (let op het dakbeschot en de bevestiging van de dakpannen)
  • Gebruik gladde gevelmaterialen, zodat de steenmarter niet omhoog kan klimmen
  • Verwijder plantgroei tegen de gevel
  • Verwijder overhangende takken van bomen bij woningen en gebouwen
  • Steenmarters hebben een hekel aan lawaai, fel licht en de geur van hondenhaar

 

Mollen
De mol heeft een goed ontwikkelde tastzin en een orgaan om veranderingen in temperatuur en vocht waar te nemen. De oorschelpen zitten in de pels verborgen. Ooropeningen en neusgaten kunnen worden afgesloten, gehoor en reuk zijn matig. De ogen zijn vaak bedekt door de huid, vandaar dat het zicht slecht is. Het naderen van personen wordt door de mol vrijwel altijd opgemerkt. Mollen kunnen schade aanbrengen aan grasvelden en tuinen.